
Hieronder volgt een fragment uit het boek Van botter naar kotter van schrijver Evert van der Meer, waarin Toon vertelt over zijn werk bij de SAMOFA-fabriek.
Rond 1950 gaat Toon naar de Ambachtsschool om vervolgens in ’54 aan het werk te gaan bij de SAMOFA fabriek. SAMOFA stond voor Samenwerkende Motoren Fabrikanten. De fabriek stond aan de Boerhaavelaan. ’Ze maakten daar veel één- en tweecilinderdieselmotoren voor de scheepvaart. Prachtige sterke motoren, met een eenvoudige techniek. Eerst werkte ik daar in de koperslagerij bij Goosen Foppen en maakte ik koperleidingen voor de motoren. Dat was best eentonig werk, ik stapte daarom naar de baas en vroeg of ik naar de montage-afdeling mocht. Dat was best wel een gedurfde vraag in die tijd. Maar het lukte en ik kwam op de afdeling bij ouwe Reijer Roelofsen. Hij was toen zo’n beetje chef en niet de gemakkelijkste. Als je het niet goed deed, kreeg je een schop onder je kont. Dat was toen heel gewoon en je moest nog u zeggen ook’. Toon kan er achteraf om lachen. ‘De laatste maanden voor mijn diensttijd heb ik op de proefstand gewerkt. Als ik nu eraan terugdenk, was dat mijn mooiste tijd bij SAMOFA. Ik testte de motoren, de 1-s108, 2-s108 en de kleine sh85’.
De jaren na zijn diensttijd werkte hij als onderhoudsmonteur aan vrachtwagenmotoren. Maar zijn liefde voor SAMOFA is gebleven. ‘Ik heb nog een oude watergekoelde ééncilinder’. Hij koestert de motor en op de visserijdagen slingert hij hem regelmatig aan. De gelukzalige blik in zijn ogen, als zijn motor aanslaat en al stampend rookpluimen uitbraakt over de mannen die er om heen staan, spreekt voor zich.
Een paar maanden later bel ik Toon verheugd op. ‘Ik heb wat voor je’. Het ding past nauwelijks in mijn auto. Na aangebeld te hebben, doet zijn vrouw de deur open en komt Toon langzaam aangeschuifeld. ‘Alsjeblieft Toon, deze hing bij jachtwerf Roelofsen’. De oude ingelijste luchtfoto van de SAMOFA fabriek tovert een lach op zijn gezicht.
Toon was jarenlang lid van de SAMOFA Club en wordt nog steeds gemist.
